Poort

Toepassing

Met de component Poort kunnen diverse garage- of tuinpoorten worden aangestuurd en worden geïntegreerd in het Loxone-systeem.

Met deze component kan een volledige poortsturing worden gerealiseerd. Door de pulsuitgangen is het ook mogelijk om te communiceren met sturingen van diverse fabrikanten.

Basisprogrammering

Nadat de bouwsteen Poort werd opgenomen in de programmering (“F5”-knop), wordt in de eigenschappen geselecteerd hoe hij wordt gebruikt.

Direct:

Wordt gebruikt wanneer een zelfstandige poortsturing met Loxone wordt gerealiseerd. Dit betekent dat de motor en de sensoren direct worden aangesloten op de in- en uitgangen van Loxone-apparaten. De programmacomponent waarborgt een wederzijdse vergrendeling van openen en sluiten. De uitgangen Qo (openen) en Qc (sluiten) worden geactiveerd voor de respectievelijke verplaatsingsduur.

Toestand bijhouden:

Wordt gebruikt wanneer er reeds een poortsturing aanwezig is en die met Loxone wordt aangestuurd. De uitgangen QTr (openen/sluiten gecombineerd), Qo (openen) en Qc (sluiten) verzenden in dit geval alleen pulsen naar de sturing. De vergrendeling wordt in dit geval door de externe sturing verzekerd.

DIRECT: MINISERVER ALS POORTSTURING

Als de volledige logica van de poortsturing met Loxone wordt gerealiseerd, kan dit als volgt worden geprogrammeerd. De verplaatsingstijden kunnen worden gedefinieerd met parameters To en Tc. Eindschakelaars of lichtgordijnen worden aan de ingangen van de programmacomponent gekoppeld. Bovendien kan voor de visualisering het type van de poort worden aangepast (parameter T).

VOLGENDE STURING: INDIVIDUELE KNOPINGANG

Als een poortsturing wordt aangestuurd die slechts een enkele knopingang heeft, ziet de programmering er als volgt uit. Om zeker te zijn dat de status in de visualisering overeenstemt, kan de verplaatsingstijd worden bepaald met parameters To en Tc. Bovendien kan het type van de poort worden aangepast (parameter T). Bovendien kunnen eindschakelaars of lichtgordijnen worden gekoppeld aan de ingangen van de programmacomponent.

VOLGENDE STURING: TWEE KNOPINGANGEN

Als een poortsturing wordt aangestuurd die gescheiden knopingangen heeft voor openen en sluiten, ziet de programmering er als volgt uit. Om zeker te zijn dat de status in de visualisering overeenstemt, kan de verplaatsingstijd worden bepaald met parameters To en Tc. Bovendien kan het type van de poort worden aangepast (parameter T). Bovendien kunnen eindschakelaars of lichtgordijnen worden gekoppeld aan de ingangen van de programmacomponent.

Ingangen

NaamBeschrijvingVerklaring Waardebereik Eenheid
TrTrigger openen/sluitenIngang voor eenknopsbediening
Puls naar Tr wanneer poort niet in beweging is:

  • Puls QTr
  • Puls naar Qo of Qc, afhankelijk van de vorige verplaatsingsrichting (openen en sluiten altijd afwisselend)

Puls naar Tr wanneer poort in beweging is (poort blijft staan):

  • Puls naar QTr
  • Puls naar Qc (wanneer de poort op dat ogenblik wordt gesloten) of naar Qo (wanneer de poort op dat ogenblik opengaat)
 0/1 –
IoTrigger openenIngang voor openen

Puls naar Io wanneer poort in eindpositie is (volledig gesloten):

  • Puls naar QTr
  • Puls naar Qo

Puls naar Io wanneer poort in beweging is (poort blijft staan):

  • Puls naar QTr
  • Puls naar Qc (wanneer de poort op dat ogenblik wordt gesloten) of naar Qo (wanneer de poort op dat ogenblik opengaat)

 Puls naar Io wanneer de poort niet in beweging is:

  • Puls naar QTr (bij voorgaande verplaatsingsrichting sluiten)
  • drie pulsen naar QTr (bij voorgaande verplaatsingsrichting openen)
  • Puls naar Qo
 0/1 –
IcTrigger sluitenIngang voor sluiten

Puls naar Ic wanneer poort in de eindpositie staat (volledig open):

  • Puls naar QTr
  • Puls naar Qc

Puls naar Ic wanneer poort in beweging is (poort blijft staan):

  • Puls naar QTr
  • Puls naar Qc (wanneer de poort op dat ogenblik wordt gesloten) of naar Qo (wanneer de poort op dat ogenblik opengaat)

Puls naar Ic wanneer de poort niet in beweging is:

  • Puls naar QTr (bij voorgaande verplaatsingsrichting openen)
  • drie pulsen naar QTr (bij voorgaande verplaatsingsrichting sluiten)
  • Puls naar Qc
 0/1 –
DoStatus poort openIngang voor eindschakelaar of contact. Do = 1 indien poort volledig open0/1 –
DcStatus poort geslotenIngang voor eindschakelaar of contact. Dc= 1 indien poort volledig gesloten0/1 –
StTrigger stopPuls stopt de poort:

  • Puls naar QTr
  • Puls naar Qc (wanneer de poort op dat ogenblik wordt gesloten) of Qo (wanneer de poort op dat ogenblik opengaat)
0/1 –
SoLichtgordijn openenIngang voor lichtgordijn. So = 1 indien lichtstraal onderbroken. De poort kan worden gesloten maar niet worden geopend.0/1 –
ScLichtgordijn sluitenIngang voor lichtgordijn. Sc = 1 indien lichtstraal onderbroken. De poort kan worden geopend maar niet gesloten.0/1 –
DisDisableKinderbeveiliging – De ingangen Tr, Io en Ic worden geblokkeerd als Dis = 1.0/1

Parameters

NaamBeschrijvingVerklaring Waardebereik Eenheid
RemanentieRemanentie-ingangActiveert de remanentie van deze component.0/1
ToVerplaatsingstijd voor openenTijdsduur om de poort volledig te openen.s
TcVerplaatsingstijd voor sluitenTijdsduur om de poort volledig te sluiten.s
ThPulslengte uitgangDuur van de pulsen op uitgangen QTr, Qo en QCs
TlPulspauze uitgangDuur van de pauze tussen pulsen op uitgangen QTr, Qo en QCs
TIDuur motorvergrendelingDuur van de motorvergrendeling bij richtingsommekeers
THAan-duur knipperlichtAan-duur van waarschuwingslicht (uitgang Ql)s
TLUit-duur knipperlichtUit-duur van knipperlicht (uitgang Ql)s
TType voor visualisering0 = Garagepoort
1 = Zwenkpoort met één vleugel links
2 = Zwenkpoort met één vleugel rechts
3 = Zwenkpoort met twee vleugel
4 = Scharnierende zijpoort links
5 = Scharnierende zijpoort rechts
0 – 5

Uitgangen

Naam Beschrijving Verklaring Waardebereik Eenheid
QTrDigitale uitgang
Openen/sluiten
gecombineerde uitgang voor openen/sluiten0/1
QoDigitale uitgang openenUitgang voor openen0/1
QcUitgang sluitenUitgang voor sluiten0/1
QaStatus beweging1 = Poort beweegt0/1
AQpPoortpositie0 = volledig gesloten, 1 = volledig geopend0/1
QIDigitale uitgang waarschuwingslichtUitgang voor knipperlicht. Knipperfrequentie kan worden gedefinieerd met parameters TH en TL.
Het waarschuwingslicht knippert wanneer de poort beweegt of wanneer de poort werd gestopt door het lichtgordijn.
0/1