Teller

Toepassing

Vaak moeten pulsen of gelijkaardige digitale signalen worden geteld. Met deze component kunt u dit realiseren.

Basisprogrammering

De tellerstand op uitgang AQ wordt bij elke puls op ingang Tr met 1 verhoogd. Met parameter EV wordt de maximale tellerstand gedefinieerd. Als de maximale tellerstand bereikt is, gaat uitgang Q naar 1.

Met parameter M kan worden gedefinieerd of na het bereiken van de eindwaarde de teller weer vanaf het begin moet starten (M = 0) dan wel of de teller op de eindwaarde moet blijven staan (M = 1).

Door een puls op ingang R wordt de teller weer op 0 gezet.

Ingangen

Naam Beschrijving Verklaring Waardebereik Eenheid
Tr Trigger Met elke puls die op deze ingang aankomt, wordt AQ met 1 verhoogd. 0/1
R R Stelt de teller terug. 0/1

Parameters

Naam Beschrijving Verklaring Waardebereik Eenheid
Remanentie Remanentie-ingang Activeert de remanentie van deze component. 0/1
EV Eindwaarde Definieert de eindwaarde van de teller. Als deze waarde wordt bereikt, gaat uitgang Q naar 1.
M Tellermodus 0= teller begint automatisch opnieuw
1 = teller blijft op eindwaarde staan Opgelet: bij (M) = 1 start de teller pas weer vanaf het begin wanneer een puls op (R) wordt gegeven of wanneer (M) op 0 wordt gezet.
0/1

Uitgangen

Naam Beschrijving Verklaring Waardebereik Eenheid
Q digitale uitgang Wordt 1 wanneer de actuele tellerstand (AQ) de eindwaarde (EV) bereikt of overschrijdt. 0/1
AQ actuele tellerstand Wordt met elke puls op ingang Tr met 1 verhoogd. 0/1

Programmeervoorbeeld

Dit programma telt hoe vaak u bij uw wekker de sluimertoets bedient. Als dit meer dan 5 keer gebeurt, gaat ingang Q naar 1 en wordt een e-mail verstuurd. Als “Knop uit” wordt bediend, wordt het alarm uitgeschakeld en gaat het licht aan.