Stelventiel Air

Handleiding voor de ingebruikname van de stelventiel Air

 

TECHNISCHE GEGEVENS

  • Voeding: 24VDC (SELV) of 2x AA alkalinebatterijen (levensduur tot 2 jaar)
  • Geluidsarme ventielbeweging met stappenmotor
  • Geïntegreerde temperatuursensor
  • Bedrijfstemperatuur: 0 °C …55 °C
  • Luchtvochtigheid: 95 % r.F.
  • Afmetingen: 73 x 46 x 53 mm (zonder adapter)
  • Type 1 (EN60730-1)
  • Frequentie: 868 MHz (SRD-band Europa), 915 MHz (ISM-band regio 2), FCC-ID: COR-ZWIR4512AC1
  • Maximaal stroomverbruik: 1,5W
  • Beschermingsklasse: IP20
  • Geen onderhoud nodig. Schoonmaken met een droge doek.
  • Bedieningskracht: 70N
  • Bedieningsbaan: 5mm
  • Loxone Air Mesh: Met batterij NIET ONDERSTEUND, met 24V DC gevoed ONDERSTEUND

Als de stelaandrijving met 24V wordt gevoed, adviseren we een extra voeding voor uw stelventielen. Houd bij de keuze van de voeding rekening met de maximale inschakelstroom van 50mA (bij 24VDC). Bovendien werkt het stelventiel Air vanaf Miniserver versie 8.0.7.19 als repeater. De repeater-functionaliteit is niet voorzien bij vroegere versies.

 

INGEBRUIKNAME

Omdat het stelventiel na het aanleren een “aanleren manoeuvre” uitvoert, moet de stelaandrijving voor de ingebruikname worden gemonteerd. Controleer voor de montage of de klepsteel beweegbaar en niet vastgeroest is. Om het stelventiel Air te kunnen aanleren, moet deze eerst in de leermodus worden geplaatst.

Meer informatie over het aanleren van uw air component.

Nadat u de component heeft ingeleerd, moet u de Air Monitor inschakelen. Klik daartoe op de Air Base Extension en vervolgens op de knop “Air Monitor”.
Het apparaat wordt nu vermeld in de randapparatuurlijst.

De volgende objecten zijn beschikbaar in de programmering:

 

programmatie

De leerknop kan na het aanleren worden gebruikt als digitale ingang (ingang I1).
Als de batterijen zo zwak zijn dat de stappenmotor van de stelaandrijving niet meer kan bewegen, gaat de ingang “Batterij zwak” naar 1.
Een minuut nadat het stelventiel met succes met de Miniserver werd verbonden, wordt de aanleerslag gestart. Daarbij bepaalt het stelventiel de verhoudingen en afmetingen van de regelkraan en slaat de positie voor 0% en 100% op.

Vele kleppen hebben reeds bij 50% van hun baan de maximale doorstroming. U kunt in de eigenschappen van analoge uitgang “Stelaandrijving” de correctie aanpassen door bijvoorbeeld “Doelwaarde 2” op 50 in te stellen. Daardoor wordt de beweging van de motor verkort en gaat de batterij langer mee.
Dit is verschillend van klep tot klep.

In de eigenschappen van de stelaandrijving Air kunt u de opvraagcyclus instellen. Hoe hoger de waarde, hoe langer de batterij meegaat. U dient er wel op te letten dat de stelaandrijving slechts om de x minuten verbinding maakt met de Miniserver. Ondertussen bevindt de stelaandrijving zich in diepe slaap en verandert niet van positie.
Als de knop op de stelaandrijving wordt bediend, wordt de positie geactualiseerd en begint de cyclus opnieuw. Met de digitale ingang kunt u bijvoorbeeld de bedrijfsmodus “Verhoogde warmtebehoefte” starten.

 

verhoogde warmtebehoefte

 

BASISPROGRAMMERING

De analoge uitgang “Stelaandrijving” kan direct worden gekoppeld aan uitgang AQ van de bouwsteen ‘Intelligente ruimteregeling’. In de eigenschappen van de stelaandrijving is de correctie reeds geconfigureerd voor aansturing in het bereik 0-10.

intelligente ruimteregeling

LEDSTANDEN

 

Afwisselend rood-groen-geel (frequentie 1Hz)Apparaat in leermodus
3 keer groen, daarna led constant uitVerbinding tot stand gebracht
Geel knipperend (frequentie 1HZ)Air-apparaat offline
Snel rood-groen knipperendIdentificatie (niet bij apparaten met batterijvoeding)

 

APPARAATTEST

Voor testdoeleinden kan de stelaandrijving volledig worden geopend of gesloten. Bovendien kunt u met “Apparaat opnieuw kalibreren” een nieuwe referentieverplaatsing van de stelaandrijving uitvoeren.
Om deze test uit te voeren, klikt u in de randapparatuur met de rechter muisknop op het gewenste ventiel.
Hier kunt u nu Apparaat test Aan (= stelaandrijving volledig open), Apparaat test Uit (= stelaandrijving volledig sluiten) en de referentieverplaatsing (Apparaat herkalibreren) uitvoeren.

apparaattest

opgepastDe stelaandrijving Air moet daarvoor wel wakker zijn. Aan de hand van de apparaatstatus kan het stelventiel Air worden gewekt.

 

BATTERIJ VERVANGEN

Om de batterij te vervangen, opent u het deksel aan de achterzijde van de stelaandrijving Air. Er zijn 2 AA-batterijen die gemakkelijk te verwijderen zijn. Na het plaatsen van de nieuwe batterijen en de resulterende herstart van de apparaten knippert de led van de stelaandrijving 3 keer groen.

 

batterij wissel

 

Korte handleiding van de Stelventiel Air (pdf)
Downloaden
Stelventiel Air EG-conformiteitsverklaring (pdf)
Downloaden