Sequencer

Toepassing

Met de programmabouwsteen Sequencer kunnen uitgangen worden doorgeschakeld, waarbij er telkens slechts één uitgang actief mag zijn. Toepassingsvoorbeelden zijn bijv. het doorschakelen van radiozenders, selectie van bedrijfsmodi, …

Basisprogrammering

 

config blok sequencer

Met elke puls op ingang Tr wordt de volgende uitgang geactiveerd. Dit betekent dat uitgangen Q1 tot Q8 een voor een worden doorgeschakeld. Op uitgang AQ wordt door een analoge waarde aangegeven welke uitgang momenteel actief is. (bijv.: uitgang 3 actief – AQ = 3)

Als niet alle uitgangen moeten worden doorgeschakeld, kan het aantal worden beperkt met parameter M.
Op ingang P kan een uitgang aan de hand van een analoge waarde worden geactiveerd. Als bijvoorbeeld de waarde 5 op ingang P staat, wordt Q5 geactiveerd en wordt uitgang AQ op 5 gezet.

Als ingang DisP geactiveerd is, is de component geblokkeerd.

Ingangen

 

Naam Beschrijving Verklaring Waardebereik Eenheid
Tr Trigger Met elke puls wordt de volgende uitgang geactiveerd (worden een voor een doorgeschakeld). 0/1
P Uitgang selectie Selectie van een bepaalde uitgang. 0 – 8
R Reset De uitgang die met parameter D ingesteld is, wordt geactiveerd. Als parameter D op 0 staat, is na een puls op R geen uitgang actief en wordt op uitgang AQ 0 uitgevoerd. 0/1
DisP Disable Als deze ingang geactiveerd is, is de component geblokkeerd en blijven de uitgangen ongewijzigd (ook bij wijzigingen op de ingangen). 0/1

 

Parameters

Naam Beschrijving Verklaring Waardebereik Eenheid
Remanentie Remanentie-ingang Activeert de remanentie van deze component. 0/1
M Aantal gebruikte uitgangen Bepaalt hoeveel van de 8 uitgangen moeten worden gebruikt. 0 – 8
D Uitgang die bij R wordt ingesteld Bij een puls op de reset-ingang wordt de uitgang ingesteld die hier aangegeven is. 0 – 8

 

Uitgangen

Naam Beschrijving Verklaring Waardebereik Eenheid
Q1 – Q8 digitale uitgangen Deze uitgangen worden met elke puls op ingang Tr een voor een doorgeschakeld. 0/1
AQ analoge uitgang Deze uitgang voert de analoge waarde van de geselecteerde uitgang uit. 0 – 8

 

Programmeervoorbeeld

 

programmatievoorbeeld sequencer

In dit voorbeeld wordt met elke knopbediening de volgende bedrijfsmodus ingeschakeld (maximaal 3, parameter M). Met de resetknop wordt bedrijfsmodus 1 geactiveerd (parameter D).