Mediasturing

Toepassing

Met de bouwsteen Mediasturing kunnen verschillende apparaten via een gemeenschappelijke interface worden gestuurd, net zoals bij een multifunctionele afstandsbediening. Virtuele uitgangen, IR-commando’s, RS232- en RS485-commando’s kunnen worden geïntegreerd.

Basisprogrammering

Dankzij verschillende modi kunnen knoppen meerdere functies hebben.

Vooraleer apparaten met de programmacomponent Mediasturing kunnen worden aangestuurd, moeten de respectievelijke commando’s worden aangemaakt in de Loxone Config-software.

Als dit nog niet gebeurd is, vindt u hier de nodige documentatie:

Voeg vervolgens de bouwsteen “Media-sturing” in.

Door dubbel te klikken op de bouwsteen wordt het configuratievenster geopend.

Voeg nu de gewenste apparaten en modi toe.

Een modus is een verzameling van commando’s die moeten worden uitgevoerd wanneer op de overeenkomstige knop wordt geklikt. Zo kan een modus Televisie worden geconfigureerd, waarin de volumeknoppen het volume van het televisietoestel aanpassen; in de modus Muziek wordt echter de versterker geregeld. U kunt in een modus ook meerdere apparaten tegelijk aansturen. Activeer daartoe het bijbehorende selectievakje.

Om de naam van een modus te wijzigen, volstaat het op de naam in kwestie te klikken. Hetzelfde geldt wanneer u een apparaat bewerkt, maar bij apparaten verschijnt een afzonderlijk dialoogvenster, waar u de naam, de koppeling en bij virtuele uitgangen ook het adres kunt bewerken.

Ga nu naar het tabblad Configuratie.

Hier kunt u de commando’s afhankelijk van de modus toewijzen aan de verschillende knoppen in de visualisering.

Voor elke modus kan een hoofdapparaat worden geconfigureerd.
Op het hoofdapparaat worden alle via de naam toewijsbare commando’s zoals dempen, return, menu, enz., automatisch toegewezen aan de knoppen van de mediasturing.

U kunt natuurlijk ook commando’s van andere apparaten toewijzen.
In de eerste kolom zijn de knoppen voor elke modus vermeld. Als een commando reeds aan een knop werd toegewezen, wordt dit in de tweede kolom aangegeven met een groen vinkje. Om commando’s toe te voegen, klikt u in de derde kolom op de overeenkomstige regels.
Naast de knoppen in de visualisering zijn er ook nog de functies “Omschakelen naar/van modus”. Op die manier kan bijvoorbeeld de reeds ingeschakelde televisie bij omschakeling naar de modus “DVD” worden omgeschakeld naar de HDMI-uitgang of kan de DVD-speler bij terugkeer naar de televisie worden uitgeschakeld.

Het configuratiedialoogvenster toont aan de linkerzijde 3 bomen:

  • Periferie-uitgangen: Uitgangen van de in de modus geactiveerde apparaten
  • Objectuitgangen: Uitgangen van de programmacomponent (AQ1 tot AQ26)
  • Bijkomende functies: om tijdsvertragingen tussen commando’s in te voegen (bijv. bij infrarood-commando’s, zodat ze correct door het apparaat kunnen worden verwerkt).

Om een commando in de lijst over te nemen, wordt dit commando geselecteerd en met een klik op de knop + toegevoegd aan het einde van de lijst.

Met de knop “++” kunnen commando’s in alle bestaande modi worden ingevoegd.

Met de “Kopieerknop” kan de volledige commandoreeks naar alle ingevoegde modi worden gekopieerd.

Bestaande items kunnen met de Wissen-knop en met de DEL-knop worden gewist en met de knop Omhoog/Omlaag kan de volgorde worden gewijzigd.

In de kolom “Waarde” kunt u aangeven welke waarde op de specifieke ingang moet worden ingesteld.

Als de tekenreeks <v> wordt ingevoerd, wordt de laatst in het cijferblok ingevoerde waarde gebruikt.

Duur beschrijft de tijd gedurende dewelke de waarde op de uitgang blijft bestaan. Als een waarde permanent moet blijven bestaan (bijvoorbeeld een relais moet ingeschakeld blijven), wordt als duur 0 opgegeven.

Met verschillende pulslengtes en vertragingen kunnen in de tijd gedefinieerde sequenties worden geconfigureerd.

In dit voorbeeld werd het volgende commandoproces geprogrammeerd:

  • Uitgang AQ1 van de programmacomponent Mediasturing wordt permanent op 1 gezet (geschakelde contactdoos van de televisie)
  • Wacht 100 ms want de televisie heeft enige tijd nodig tot hij commando’s kan ontvangen wanneer de contactdoos uitgeschakeld was
  • Verzend het Power-commando om de televisie uit de stand-by modus te halen

Ingangen

Naam Beschrijving Verklaring Waardebereik Eenheid
Tr Trigger aan/uit In- en uitschakelen, dubbelklikken: uitschakelen 0/1
On Vermogen aan Triggeringang power on 0/1
Off Vermogen uit Triggeringang power off 0/1
V+ Trigger luider Verhoogt het volume 0/1
V- Trigger stiller Verlaagt het volume
AIv Volume Analoge ingang voor het volume 0/1
P+ Trigger volgend kanaal Schakelt een kanaal omhoog 0/1
P- Trigger vorig kanaal Schakelt een kanaal omlaag 0/1
AIp Kanaal Analoge ingang voor het kanaal
AIm Analoge ingang modus Modusselectie (1-x, x = aantal modi)
M1 – M8 Trigger ingangen door een puls wordt de respectievelijke modus gestart. 0/1
T5 Gecombineerde T5-ingang Loxone Touch Hier wordt de gecombineerde T5-ingang van de Loxone Touch aangesloten
Drukknop T2 = Vol+ / dubbelklik: volgende bron
Drukknop T5 = Vol- / dubbelklik: Power OFF
R Reset Zet alle ingangen op 0, commando-uitvoering wordt geannuleerd 0/1
Dis Disable Kinderbeveiliging – vergrendelt alle ingangen, maar niet de visualisering 0/1

Parameters

Naam Beschrijving Verklaring Waardebereik Eenheid
Remanentie Remanentie-ingang Activeert de remanentie van de component. 0/1
Tn Time-out cijferblok Na het verstrijken van de tijd wordt de invoer via het cijferblok automatisch doorgestuurd. Bij Tn = 0 wordt de waarde pas doorgestuurd nadat de bevestigingsknop werd bediend. ms
Tdc Dubbelkliktijd Maximaal tijdverschil tussen twee klikken om als dubbelklik te worden herkend s

Uitgangen

Naam Beschrijving Verklaring Waardebereik Eenheid
AQm actuele modus De actuele modus wordt als analoge waarde uitgevoerd
AQp Vermogensuitgang Kan worden gebruikt om de voeding van de apparaten te schakelen 0/1
AQ1 – AQ26 Analoge uitgang Objectuitgangen, kunnen met functieknoppen worden geschakeld