Alarmsysteem

Toepassing

Met de bouwsteen Alarminstallatie kunt u zonder veel moeite een alarminstallatie realiseren met de reeds beschikbare sensoren (bewegingsmelders, raamcontacten, enz.).

De alarminstallatie kan met een knop, app of vertraagd worden ingeschakeld. Als een alarm wordt gegeven, worden verschillende alarmfasen een voor een met tijdsvertraging gestart. Het alarm kan onder andere worden gegeven door knipperend licht, luide muziek, telefoonoproepen of door de jaloezieën omhoog te brengen.

Bovendien heeft u via de visualisering volledige toegang tot de alarminstallatie en heeft u altijd een overzicht van alles wat er in het huis gebeurt.

Basisprogrammering

Door dubbel te klikken op de alarminstallatie, verschijnt een dialoogvenster waar u de in het programma aanwezige melders en componenten kunt selecteren.
Voor deze objecten is geen verdere configuratie vereist.
Deur- en raamcontacten Air zijn intern in de component geïnverteerd.

Ingangen

Naam Beschrijving Verklaring
I1 Bewegingsmelder Aansluiting voor alle bewegingsmelders
I2 Glasbreukmelder Aansluiting voor alle glasbreukmelders
I3 Raamcontacten Aansluiting voor alle raamcontacten (0= gesloten, 1 = open)
I4 Deurcontacten Aansluiting voor alle deurcontacten (0= gesloten, 1 = open)
I5 andere melders / sensoren Aansluiting voor bijkomende sensoren en melders
Tr Trigger scherp/onscherp door een puls wordt de alarminstallatie scherp/onscherp geschakeld
TrNm Trigger scherp/onscherp zonder bewegingsmelder door een puls wordt de alarminstallatie scherp of onscherp geschakeld; bewegingsmelders worden niet gebruikt
A Alarminstallatie scherp schakelen door een puls wordt de alarminstallatie scherp geschakeld
ANm Alarminstallatie scherp schakelen zonder bewegingsmelder door een puls wordt de alarminstallatie scherp geschakeld
Bewegingsmelders worden niet gebruikt
V Alarminstallatie vertraagd scherp schakelen door een puls wordt de alarminstallatie vertraagd scherp geschakeld, vertraging wordt gedefinieerd met parameter Da
VNm Alarminstallatie vertraagd scherp schakelen door een puls wordt de alarminstallatie vertraagd scherp geschakeld, de vertraging wordt gedefinieerd met parameter Da
Bewegingsmelders worden niet gebruikt
R Alarminstallatie onscherp schakelen door een puls wordt de alarminstallatie onscherp geschakeld
C Bevestiging door een puls wordt het alarm bevestigd
Dis Disable Kinderbeveiliging – vergrendelt alle ingangen, maar niet de visualisering
DisMv Blokkering bewegingsmelder Bewegingsmelder ingang I1 zal deactiveren

Parameters

 

Naam Beschrijving Verklaring
Remanentie Remanentie-ingang Activeert de remanentie van deze component.
Da Vertraagde activering Duur van de vertraging wanneer de alarminstallatie vertraagd wordt geactiveerd
D1 Vertragingstijd stil alarm Tijd tot het stil alarm (Q1) wordt gegeven
D2 Vertragingstijd akoestisch alarm Tijd tot het akoestisch alarm (Q2) wordt gegeven
D3 Vertragingstijd optisch alarm Tijd tot het optisch alarm (Q3) wordt gegeven
D4 Vertragingstijd intern alarm Tijd tot het intern alarm (Q4) wordt gegeven
D5 Vertragingstijd extern alarm Tijd tot het extern alarm (Q5) wordt gegeven
D6 Vertragingstijd ver alarm Tijd tot het ver alarm (Q6) wordt gegeven
Ti Verlenging ingangspulsen Dient om de ingangspuls te verlengen wanneer een tweede melder actief moet worden en een melder slechts een korte puls levert. Deze functie wordt niet gebruikt bij Ti = 0
T2 Tijdvenster voor tweede melder Tijd tot 2e melder moet aanslaan zodat meer dan een stil alarm wordt geactiveerd. Deze functie wordt niet gebruikt bij T2 = 0

Bij gebruik van deze functie wordt de tijd van D1 genegeerd en wordt het stil alarm altijd onmiddellijk gegeven. Als een 2e melder gedurende deze tijd uit blijft, wordt de alarminstallatie bevestigd.

Tm Testmodus Bij Aan wordt alleen de uitgang Testalarm Qt geactiveerd.
Dm maximale alarmduur de maximale alarmduur moet groter zijn dan de langste vertraging. (D1 – D6)
Ca automatische alarmbevestiging Wanneer een maximale duur van een alarm ingesteld is, wordt aan het einde automatisch ook Q1 bevestigd bij Ca = Aan
Ii Rekening houden met uitgangstoestand van contacten Bij Ii = 1 kan de alarminstallatie worden gestart hoewel een raam of deur geopend is. Het alarm wordt pas gegeven zodra de status wijzigt.

Uitgangen

 

Naam Beschrijving Verklaring
Q Status alarminstallatie 0 = alarminstallatie onscherp, 1 = alarminstallatie scherp met bewegingsmelder, 2 = alarminstallatie scherp zonder bewegingsmelder
Q1 digitale uitgang stil alarm Uitgang voor stil alarm, wordt bij alarm pas na tijd D1 actief
Q2 digitale uitgang akoestisch alarm Uitgang voor akoestisch alarm, wordt bij alarm pas na tijd D2 actief
De geselecteerde muziekserver-zones spelen het alarmgeluid af
Q3 digitale uitgang optisch alarm Uitgang voor optisch alarm, wordt bij alarm pas na tijd D3 actief
De geselecteerde lichtsturingen worden in de alarmmodus geplaatst en alle geselecteerde jaloezieën gaan omhoog
Q4 digitale uitgang intern alarm Uitgang voor intern alarm, wordt bij alarm pas na tijd D4 actief
Q5 digitale uitgang extern alarm Uitgang voor extern alarm, wordt bij alarm pas na tijd D5 actief
Q6 digitale uitgang ver alarm Uitgang voor ver alarm, wordt bij alarm pas na tijd D6 actief
AQ Aantal actieve melders geeft aan hoeveel melders momenteel actief zijn
Qt digitale uitgang testalarm Uitgang die voor het testalarm wordt gebruikt (parameter Tm = 1)
AQr Resterende tijd activeringsvertraging Tijd tot activering van de alarminstallatie wanneer deze vertraging werd geactiveerd
TQ Tekstuitgang laatste melder Geeft aan welke melder het laatst actief was. Tekstuitvoer in het volgende formaat: 21.07.2014 15:00 PM keuken
Qo Status ramen / deuren Aan = raam of deur open
AQT Tekst-naar-spraak Spraakuitvoer van de component (kan met de TTS-ingang van een muziekserver-zone worden verbonden, zodat de spraakuitvoer in elke zone plaatsvindt)

In de volgende situaties vindt uitvoer plaats op de TTS-uitgang:

Wanneer de alarminstallatie geactiveerd is (vertraagd of normaal) en er op dat tijdstip nog een raam of deur geopend is, wordt uitgang Qo actief en wordt op uitgang AQT een overeenkomstige melding gegeven. “Opgelet! Raam keuken nog geopend” (in dit geval heeft de ingang de naam “Raam keuken”) Als meerdere ramen/deuren geopend zijn, is de uitvoer als volgt: “Opgelet! Meerdere ramen of deuren zijn nog geopend!”

Visualisering

In de visualisering kan de alarminstallatie scherp/onscherp worden geschakeld.
Onder Laatste sensoren wordt de laatst actieve melderingangen weergegeven.

Voorbeeldconfiguratie

Laad een van onze voorbeeldconfiguraties en u zult zien hoe eenvoudig het is om uw alarminstallatie te integreren en te configureren.