1-Wire

Handleiding voor de installatie van de 1-Wire-Extension

 

TECHNISCHE GEGEVENS

  • Aansluiting op Loxone Link
  • 1x 1-Wire interface (5V uitgang max. 50 mA)
  • 16,3 kbit/s
  • Aansluiting van
    • Maximaal 20 temperatuur sensoren
    • OF 1 iButton reader
  • Onbeperkt aantal iButton chips
  • Afmetingen: 35,5 x 88 x 57 mm (2 TE)
  • Stroomverbruik ca. 30mA
  • Configuratie via Loxone Config
  • Voeding 24VDC
  • Beschermingsgraad: IP20
  • Omgevingstemperatuur: 0 … +50°C

 

 

ONDERSTEUNDE 1-WIRE COMPONENTEN

De volgende sensoren worden door de 1-Wire Extension ondersteund:
DS1822 (22) Temperatuur
DS18B20 (28) Temperatuur
DS18S20 (10) Temperatuur
DS1963S (18) Sleutelschakelaar
DS1990 (01) Sleutelschakelaar
DS2438 (26) Temperatuur, spanning VDD, spanning VAD, spanning VSens

 

INSTALLATIE

 

  • Monteer de 1-Wire Extension op de DIN-rail
  • Sluit, als de installatie afgewerkt is, 24V gelijkspanning aan, activeer pas na beëindiging van de volledige installatie (aanbeveling: doorlussen van Miniserver)
  • Verbind Loxone Link.
  • Verbind de 1-Wire-connector/klemmen met een 1-Wire-apparaat
  • Opgelet: Sluit de laatste Loxone-Extension op de Loxone Link af met een weerstand van 120 Ω (bij de Miniserver meegeleverd)
  • Activeer de stroomvoorziening.
  • Knippertoestanden van de status-leds: De linker led knippert na enkele seconden groen wanneer de 1-Wire-Extension reeds geconfigureerd is, oranje als dit niet het geval is.

 

 

MAATTEKENING

 

Afmeting kleine module

 

ONDERSTEUNDE 1-WIRE-APPARATEN

 

1-Wire-apparaatFamily CodeBeschrijving
DS1822
Econo 1-Wire Digitale thermometer
22Temperatuursensor
Bereik: -55 °C tot + 85 °C
Nauwkeurigheid: +- 2°C van -10°C tot +85°C
Resolutie: 12-bits of 0,0625 °C
DS18B20 / DS18B20Z+
1-Wire digitale thermometer met programmeerbare resolutie
28Temperatuursensor
Bereik: -55 °C tot + 85 °C
Nauwkeurigheid: +- 0,5 °C van -10 °C tot +85°C
Resolutie: 12-bits of 0,0625 °C
DS18S20
Parasitair vermogen digitale thermometer
10Temperatuursensor
Bereik: -55 °C tot +125 °C
Nauwkeurigheid: +- 0,5 °C van -10 °C tot +85°C
Resolutie: 9-bits of 0,5 °C
DS1963S
Serienummer iButton (SHA)
18Toegangscontrole
DS1990
Serienummer iButton
01Toegangscontrole
DS2438
Slimme batterijmonitor
26AD-omvormer en temperatuursensor

Bereik: -55 °C tot +125 °C
Resolutie: 13-bits of 0,03125 °C

Spanning VDD

Voedingsspanning
Bereik: 0V – 10,23V
Resolutie: 10mV

Spanning VAD

Spanning op ingang van de AD-omvormer
Bereik: 0V – 10,23V
Resolutie: 10mV

Spanning Vsens

Spanning op een externe weerstand (Rsens) voor indirecte stroommeting
Bereik: -0,25V – 0,25V
Resolutie: 0,2441mV
Berekening van de stroom: I = Vsens/Rsens

Deze chip wordt door talrijke sensorfabrikanten gebruikt voor de vochtmeting. Daartoe wordt de uitgangsspanning van een analoge vochtsensor aangelegd op de ingangspen van de AD-omvormer (VAD) van de DS2438. Voor de omrekening van spanning naar vochtigheid wordt de formule van de fabrikant gebruikt.
Voorbeeld WireGate Multisensor „MS-THS13-BRK“:
vochtigheid_ongecompenseerd = ((VAD/VDD) – 0.16) / 0.0062
temperatuur_compensatie = 1.0546 – (0.00216 * temperatuur)
vochtigheid_gecompenseerd = vochtigheid_ongecompenseerd / temperatuur_compensatie
Voor de omrekening van de spanning [V] naar vochtigheid [%] is het PLC-object “Formule” in de categorie “Wiskunde” geschikt.

 

 

opgepast

Merk op dat een korte opvraagcyclus van temperatuursensoren de bus zeer sterk kan belasten. De opvraagcyclus moet bij temperatuursensoren daarom bij voorkeur op de standaardwaarde van 60 seconden blijven. Om deze reden zal een aparte 1-Wire Extension worden gebruikt voor toegang. Aldus zal er geen vertraging bij de toegang ontstaan door de temperatuursensoren.

 

BEKABELING

 

1-Wire sensoren worden gekenmerkt door een eenvoudige bekabeling. Houd toch rekening met de volgende bekabelingsinstructies om een optimale signaaloverdracht van uw sensoren te verzekeren.

  • Gebruik voor de installatie van de sensoren een kabel met minstens 0,6 mm doorsnede (bijv. CAT5) of hoger
  • Bij parasitaire stroomvoorziening adviseren we een maximale totale lengte van 100 m bij maximaal 20 sensoren
  • Bij afzonderlijke stroomvoorziening dient u rekening te houden met de volgende instructies voor de bekabelingstopologie
  • De volgende bekabelingsinstructies dienen als richtlijn; afhankelijk van de omgeving kunnen zowel betere als slechtere resultaten worden verkregen voor totale lengte en aantal sensoren.

Voor de bekabeling van de 1-Wire sensoren adviseren we een afgeschermde twisted pair-kabel, zoals Cat 5e, Cat 6 of Cat 7. DQ en GND moeten op een paar worden aangesloten, zodat de beide signaalleidingen met elkaar getwist zijn.
De overige geleiders van de kabel kunnen ook voor knoppen worden gebruikt.

OPTIMALE BEKABELINGSTOPOLOGIEËN

 

1-wire Bus topology

Bus-topologie zonder aftakkingen

Een bus-topologie zonder aftakkingen is het best geschikt voor de bekabeling. Daardoor kan een bereik tot 350 m worden gerealiseerd.

 

Bus topology with stubs

 

Bus-topologie met korte aftakkingen

Met deze topologie kan een goed resultaat worden verkregen dat vergelijkbaar is met de bus-topologie zonder aftakkingen. Het maximale bereik bedraagt 300 m wanneer maximaal 20 sensoren worden aangesloten.

 

ANDERE BEKABELINGSTOPOLOGIEËN

 

Bus topology with long stubs

 

Bus-topologie met lange aftakkingen

De 1-Wire installatie als bus-topologie met lange aftakkingen is slechts in beperkte mate aan te bevelen. Hiermee is een lengte tot 100 m mogelijk wanneer maximaal 20 sensoren worden aangesloten.

 

Star topology

 

Ster-topologie

Een ster-topologie is alleen bij kleine installaties aan te bevelen, omdat alle sensor bekabelingen worden samengebracht op één punt. Daardoor is een totale lengte tot 100 m mogelijk wanneer maximaal 20 sensoren worden aangesloten.

 

Ring-topologie: Een ring-topologie is niet voorzien voor een 1-Wire installatie. Als de sensoren ringvormig worden verbonden, kunnen geen signalen worden ontvangen.

 

BEKABELING VAN EEN 1-WIRE SENSOR

Dit is een schematische schets om een 1-Wire temperatuursensor DS18B20+ aan te sluiten. De penaansluitingen kunnen afhankelijk van de sensor soms verschillend zijn. Houd rekening met het gegevensblad van de fabrikant.
Parasitaire stroomvoorziening: bij parasitaire stroomvoorziening worden GND en VDD verbonden en op de GND van de Extension aangesloten.

 

 

ExtensionDS18B20+1-Wire hulstemperatuursensor (bestellingen vanaf 2015)1-Wire hulstemperatuursensor (bestellingen voor 2015)
(A) DQ(2) DQ(wit) DQ(rood) DQ
(B) GND(1/3) GND/VDD(bruin/groen) GND/VDD(wit/groen) GND/VDD

 

Merk op dat niet alle 1-Wire sensoren geschikt zijn voor parasitaire stroomvoorziening. Informatie hieromtrent vindt u in het gegevensblad van de fabrikant.
Gescheiden stroomvoorziening: de 3 pennen van de sensor worden aangesloten op de Loxone 1-Wire Extension

 

 

ExtensionDS18B20+1-Wire hulstemperatuursensor (bestellingen vanaf 2015)1-Wire hulstemperatuursensor (bestellingen voor 2015)
(A) DQ(2) DQ(wit) DQ(rood) DQ
(B) GND(1) GND(bruin) GND(wit) GND
(C) VDD(3) VDD(groen) VDD(groen) VDD

 

wiring a 1 Wire

 

1-wire temperatuurvoeler

 

Voor de bekabeling van de 1-Wire sensoren adviseren we een afgeschermde twisted pair-kabel, zoals Cat 5e, Cat 6 of Cat 7. DQ en GND moeten op een paar worden aangesloten, zodat de beide signaalleidingen met elkaar getwist zijn.
De overige geleiders van de kabel kunnen ook voor knoppen worden gebruikt.

1-Wire temperatuursensoren kunnen door hun compacte constructie perfect achter de knop in de wand worden geplaatst. Het is daarbij belangrijk dat de buizen die naar deze doos lopen, worden afgedicht om tocht te vermijden.

 

Informatie over de configuratie van een Extension vindt u hier.

 

Sensoren zijn aangesloten maar worden niet gevonden?

 

Als u bij een 1-Wire zoekbewerking niet alle aangesloten sensoren vindt, kan deze lijst helpen bij de analyse.
Voor u de volgende punten doorneemt, dient u na te gaan of de Extension online is en het actuele programma op de Miniserver draait.

  • Controleer of er in uw 1-Wire bekabeling geen draadbreuken of polariteitsomkeringen voorkomen.
  • Als slechts delen van de topologie worden gevonden maar andere delen van de bekabeling niet. Controleer de topologie en let op de maximale bekabelingslengtes en de specificaties voor de bekabeling
  • Als geen enkele sensor wordt gevonden, sluit u een sensor direct aan op de stekker van de Extension en voert u de zoekbewerking opnieuw uit.
  • Op de 1-Wire interface van de 1-Wire Extension kunt u de spanningswaarde t.o.v. GND meten.
    • NOMINAAL DQ t.o.v. GND = 5V DC
    • NOMINAAL VDD t.o.v. GND = 5V DC
  • Als u afwijkende waarden meet, ontkoppelt u de 3-polige stekker aan de bovenzijde van de 1-Wire Extension en meet u de spanningswaarden nogmaals zoals hierboven beschreven direct op de pennen van de Extension.
    • Als u hier nu telkens 5V meet, controleert u uw bekabeling op polarisatieomkering of draadbreuk.
    • Als spanningen <5V worden gemeten, controleert u de stroomvoorziening van de 1-Wire Extension.
      Als het probleem niet kan worden verholpen, neemt u contact op met onze support.

 

APPARAAT AANMAKEN

 

Selecteer de Extension in het randapparatuur en klik in het tabblad op “1-Wire doorzoeken”.

 

1-wire doorzoeken

 

 

Selecteer de sensor en voer een benaming in, klik vervolgens op “Apparaat aanmaken”.

 

apparaat aanmaken

 

De sensor wordt nu aangegeven in het periferievenster en kan worden gebruikt voor de programmering.

 

randapparatuur

 

 

IDENTIFICATIE VAN 1-WIRE SENSOREN

 

Het eenvoudigste is dat u de sensoren een voor een aansluit, zodat er geen gevaar voor verwisseling bestaat.
U kunt ze ook allemaal aansluiten, in de programmering opnemen en vervolgens een temperatuurwijziging van de verschillende sensoren veroorzaken zodat ze kunnen worden geïdentificeerd (bijvoorbeeld door de sensor aan te raken). Daartoe kunt u de opvraagcyclus (aangegeven in seconden) instellen op een lagere waarde, maar daarna dient u deze instelling weer op een zinvolle waarde te zetten.

 

Eigenschappen

 

Stel de opvraagcyclus in op een verstandige waarde. Bij temperatuurmetingen volstaat het meestal wanneer de waarde om de 10 minuten wordt geactualiseerd.

 

EEN ELEKTRONISCHE SLEUTELLEZER AANSLUITEN

 

De elektronische sleutellezer wordt aangesloten op de Loxone 1-Wire Extension. De witte draad aan “DQ” van de Extension, de grijze draad aan “GND”.
De gele draad is de gemeenschappelijke aarding van de beide leds. Groen = groene led; rood = rode led
Beide leds kunnen met 24 VDC werken, omdat de passende weerstanden reeds in het product geïntegreerd zijn.
Als u uw iButton Reader voor 2015 heeft ontvangen of niet in de Loxone webshop heeft aangekocht, dient u geschikte voorschakelweerstanden te berekenen en in te bouwen. De doorlaatspanning bedraagt voor rood 1,95 V en 2,1 V voor groen. De stroom is 20 mA.
Omdat de intelligentie in de iButton zelf is opgeslagen, kan per 1-Wire Extension slechts één iButton-lezer worden aangesloten, want er kan niet worden vastgesteld aan welke lezer de iButton gekoppeld is.
Maximaal aantal iButtons per lezer: Onbeperkt

 

Ibutton

 

IBUTTON TOEWIJZEN AAN EEN GEBRUIKER

 

U kunt een iButton ook aanleren zoals een temperatuursensor. Bovendien kan de iButton worden toegewezen aan een gebruiker.
Selecteer de 1-Wire Extension in het randapparatuur, activeer rechtsboven het selectievakje “1-Wire Monitor” en klik vervolgens rechtsboven op “1-Wire doorzoeken”.

 

1-wire doorzoeken

 

Ga nu naar de leermonitor. Selecteer de iButton (1) en kies de gebruiker in het keuzemenu (2). Klik ten slotte op “Gebruiker toewijzen” (3).

 

leermonitor

 

De iButton is nu toegewezen aan de gebruiker in kwestie.

Korte handleiding en aansluitschema van de Extension (pdf)
Downloaden
Extension EG-conformiteitsverklaring (pdf)
Downloaden
RoHS-conformiteitsverklaring (pdf)
Downloaden